‘Vaarwel aan het vlees‘

Gek genoeg ben ik een poosje inspiratieloos geweest om iets te schrijven. Frustrerend.
Genoeg gebeurd, genoeg gedaan maar het was er gewoonweg niet.
Vandaag is de inspiratie eindelijk daar. Daar waar ik het totaal niet had verwacht.
Eigenlijk was het er gisteren al. Hoewel mijn hand al naar mijn pen en papier reikte, hadden mijn hersens minstens 1,5 dag nodig om te processen dat dít, van alles wat er op de wereld gaande is, mijn bron van inspiratie was geworden.

Hoewel ik geboren ben in het land waar Carnaval heilig is, heb ik helemaal niets met deze manier van feestvieren. Omdat Carnaval in religieuze en antropologische zin veel dieper gaat dan de Nederlandse hoempapa verbastering, heb ik me keurig gehouden aan de oorspronkelijke zin van dit feest.
(lees: eetfestijn vóór de vastenperiode).

Sorry dorpenaren, mijn anti-Alaaf stukje zal niet bij iedereen in de smaak vallen. De geur van bier gemixt met zweet,
de oneindige -sluit maar aan want we weten niet hoe we anders op deze ‘muziek’ moeten dansen- polonaise, laten me geloven dat de evolutie van de mensheid ergens heeft stilgestaan.

Maar er is ook iets wat mij wel boeit aan Carnaval. De mensen die gezamenlijk, vol overgave, bouwen aan de praalwagens.
Ik kan me ook zonder meer vinden in het vol overgave ergens aan beginnen. Wat me boeit is het op tijd afkrijgen. Op tijd en afkrijgen zijn voor mij 2 ultieme uitdagingen in het leven. Mijn vier verschillende boeken waarin ik vorig jaar bijna gelijktijdig ben begonnen waarvan ik er eentje op 2 hoofdstukken na heb uitgelezen zijn daar een voorbeeld van.
Is het een chaotisch brein? Gemakzucht? Angst om te falen? Een gekke vorm van perfectionisme?

Hoe dan ook, des te meer respect voor de bouwers, de doorzetters, de carnavalisten van Zwaag die vandaag met trots hun wagens door weer en wind aan het publiek hebben geshowd. Ik doe het jullie niet na.

Alaaf,
zei ze braaf 😉

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.